GAUSSERIE (1)

Column 01.07 A van Ad Blankestijn

Het verhaaltje over Gauss, dat ik vertelde in mijn eerste les aan 3C, was bijzonder goed gevallen.
Het werd doorverteld aan broertjes en zusjes die ook op HBS F. de Munnik zaten. Dat was vooral duidelijk
in de tweede klassen. Aan het eind van iedere les vroegen, of liever, smeekten ze me een Gaussje
te doen. Of anders maar een Pascaltje (ik had me laten ontvallen dat Pascals vader de kleine Blaise
had verboden een boek over wiskunde te lezen).

De verhalen over de jonge Gauss zijn min of meer apocrief. Epische concentratie. Heldenverering.
Voorbeeldje: Gauss’ vader was opzichter in het landbouwbedrijf van de hertog van Braunschweig.
Iedere week maakte hij de loonlijst op. Nadat hij een lange kolom had opgeteld, meldde zijn zoon,
die toen drie jaar oud was en had meegekeken, dat de uitkomst fout was, en waarom. Het kereltje
bleek het uiteraard goed gezien te hebben.

Doet men dit slag verhaaltjes af met “si non è vero, è bene trovato”, dan geldt dat zeker niet voor
de ontdekking in 1796 van de constructie van de regelmatige 17-hoek met alleen passer en liniaal.
Gauss was toen negentien jaar oud en meteen een beroemdheid in de wereld van de wiskundigen.

Met deze ontdekking knoopte Gauss aan bij de Griekse wiskunde van meer dan 2000 jaar geleden.
De Griekse meetkundigen wisten een hoek van 60° te construeren en, door herhaalde tweedeling,
ook hoeken van 30° en 15°. Verdere bisectie leidt spoedig tot praktische problemen door de dikte
van de cirkelbogen en de lijnstukken, maar het was theoretisch mogelijk een regelmatige 6-hoek,
12-hoek, 24-hoek, … te construeren. Dat gold, uitgaande van de gestrekte hoek (180°), ook voor
een regelmatige 4-hoek, 8-hoek, …
De Grieken kenden bovendien de constructie van de regelmatige 5-hoek (dus van de regelmatige
10-hoek, 20-hoek, 40-hoek, …).

Maar de constructie van een regelmatige 17-hoek, met alleen passer en liniaal, bleef buiten bereik.


Ad-Blankestijn-column

Deze column werd geschreven door Ad Blankestijn, de oprichter van Instituut Blankestijn. Ad Blankestijn was vernieuwend. Als bevlogen onderwijsman introduceerde hij het particulier onderwijs in Nederland. In 1965 stichtte hij zijn eigen school: Instituut Blankestijn. In 2015 overleed Ad Blankestijn.

Blankestijn gaf les, voerde persoonlijk de directie en was ook vaak in het weekeinde op zijn instituut te vinden. Dat Instituut verwierf een uitstekende reputatie, met prima opgeleide medewerkers en goede examenresultaten. In 1999 bouwde Blankestijn zijn concept ‘laatste twee jaar in één‘ uit tot een volledige opleiding van klas 1 tot en met het examenjaar.
Baanbrekend was Ad Blankestijn eveneens, toen hij in 2003 als eerste begon met de particuliere basisschool.

In 2008 nam hij afscheid van zijn instituut. Hij nam zich voor om vooral veel te blijven lezen en zich te blijven ontwikkelen, een eis die hij ook aan zijn medewerkers stelde. Hij bracht zijn laatste jaren door in zijn geliefde Frankrijk en schreef toen deze columns.

Het Instituut wordt door Frans van Heijningen met de huidige medewerkers als een familiebedrijf voortgezet, overeenkomstig het gedachtengoed van Ad Blankestijn.