AVESTISCH IN 3C

Column 01.20 van Ad Blankestijn

Maandagmiddag wist iedereen op school dat ik Johan uit Zweden had gehaald. En ook dat Johan
in de Morgan had gereden. Helemaal van Avesta naar Utrecht.

Het laatste lesuur had ik 3C. Ze waren niet te houden. Ze wilden alles weten. Ik moest vertellen
over de reis, over het Zweedse meisje en over Johan. Over de reis kon ik heel kort zijn omdat er
niets opwindends was gebeurd. Behalve dat ik op de veerboot smörgåsbord had gegeten. Nooit
eerder had ik zó veel verschillende zeegerechten op één tafel gezien: haring in allerlei marinades
(azijn, mosterd, …) en gerookt; zalm, gemarineerd en gerookt; oesters, mosselen, garnalen, …
Maar er waren ook rosbief, ham en Zweedse kaviaar, pâtés, omelettes, salades en veel groenten.

Over het meisje en Johan vertelde ik niets. Maar ik wilde wel iets zeggen over Avesta, of liever:
de Avesta, het heilige boek van de Parsi’s. Dit boek is geschreven in een Iraanse taal die meestal
Avestisch wordt genoemd. De Avesta is het enige boek dat in het Avestisch is geschreven.
De Avesta bevat delen van de leer van de profeet Zarathushtra (th en sh zoals in het Engels, en
u zoals oe in het Nederlands). De oudste delen ervan kunnen omstreeks – 1000 zijn ontstaan.
Het Avestisch is daardoor een van de oudste ons bekende Indo-Europese talen.

De godsdienst van Zarathushtra komt in het kort neer op de strijd tussen de god van het Goede
en de god van het Kwade (Ahura Mazda tegen Ahriman). De mens dient Ahura Mazda bij te staan
in zijn gevecht met dood, duisternis en leugen. De Parsi’s leven daarom volgens bepaalde regels.

In het begin van de jaren zestig ging ik, naast wiskunde en natuurwetenschappen, Indo-Iraans
studeren. Zo maakte ik kennis met oude Indische en Iraanse talen, waaronder Avestisch. Hoewel
ik het Iraanse deel van deze studie binnen een jaar afsloot, bestudeer ik het Avestisch nog altijd.


Ad-Blankestijn-column

Deze column werd geschreven door Ad Blankestijn, de oprichter van Instituut Blankestijn. Ad Blankestijn was vernieuwend. Als bevlogen onderwijsman introduceerde hij het particulier onderwijs in Nederland. In 1965 stichtte hij zijn eigen school: Instituut Blankestijn. In 2015 overleed Ad Blankestijn.

Blankestijn gaf les, voerde persoonlijk de directie en was ook vaak in het weekeinde op zijn instituut te vinden. Dat Instituut verwierf een uitstekende reputatie, met prima opgeleide medewerkers en goede examenresultaten. In 1999 bouwde Blankestijn zijn concept ‘laatste twee jaar in één‘ uit tot een volledige opleiding van klas 1 tot en met het examenjaar.
Baanbrekend was Ad Blankestijn eveneens, toen hij in 2003 als eerste begon met de particuliere basisschool.

In 2008 nam hij afscheid van zijn instituut. Hij nam zich voor om vooral veel te blijven lezen en zich te blijven ontwikkelen, een eis die hij ook aan zijn medewerkers stelde. Hij bracht zijn laatste jaren door in zijn geliefde Frankrijk en schreef toen deze columns.

Het Instituut wordt door Frans van Heijningen met de huidige medewerkers als een familiebedrijf voortgezet, overeenkomstig het gedachtengoed van Ad Blankestijn.