LESUITVAL

Column 02.11 van Ad Blankestijn

Uit mijn eigen schooltijd herinner ik me niet dat een docent ooit absent was. En in mijn eerste jaar
als leraar op HBS F. de Munnik was het, bij mijn weten, maar tweemaal voorgekomen. De directeur
loste het de eerste keer op door mij de klassen te geven van een leraar die door een auto-ongeluk
voor onbepaalde tijd was uitgeschakeld. Zo kwam ik, zonder enige ervaring, voor een examenklas
te staan.
Mijn vervanger in de lagere klassen hield het na twee of drie weken voor gezien. De directeur vond
deze keer een gepensioneerde docent die bereid was de lessen te geven.

In de eerste twee maanden van dit nieuwe schooljaar waren er al meer absent-uren van docenten
dan in het hele voorafgaande jaar. Ik hoorde dit van de administratrice met wie ik vaak sprak over
het reilen en zeilen van de school. Maar zelf merkte ik het ook: ik was nog steeds de jongste leraar
die bovendien weleens een vrij uur had, waardoor ik soms een les kon overnemen. Dat gebeurde
meer en meer, maar de verandering in de mentaliteit van docenten viel me toentertijd niet op.

Mevrouw Bloem, de administratrice, merkte op dat het vooral jongere leraren waren, die zich ziek
meldden. Ze belden altijd ’s morgens op, meestal maar tien minuten voordat hun eerste les begon.
Die les moest dan hals over kop worden overgenomen door iemand die toevalligerwijs beschikbaar
was, maar meestal werd een hele klas in de kantine “geparkeerd”, onder toezicht van de conciërge
of de amanuensis.

Vier keer in de week had ik het eerste lesuur vrij, maar was ik wel op school. De directeur kon me
dan een les van een afwezige leraar laten overnemen. Ik deed dat bijzonder graag, vooral als het
een eigen klas betrof. Zo kreeg ik de tijd om een beloofd onderwerp te behandelen of uit te diepen:
Nicolas d’Oresme (Oresmus), de pythagoreeërs, …


Ad-Blankestijn-column

Deze column werd geschreven door Ad Blankestijn, de oprichter van Instituut Blankestijn. Ad Blankestijn was vernieuwend. Als bevlogen onderwijsman introduceerde hij het particulier onderwijs in Nederland. In 1965 stichtte hij zijn eigen school: Instituut Blankestijn. In 2015 overleed Ad Blankestijn.

Blankestijn gaf les, voerde persoonlijk de directie en was ook vaak in het weekeinde op zijn instituut te vinden. Dat Instituut verwierf een uitstekende reputatie, met prima opgeleide medewerkers en goede examenresultaten. In 1999 bouwde Blankestijn zijn concept ‘laatste twee jaar in één‘ uit tot een volledige opleiding van klas 1 tot en met het examenjaar.
Baanbrekend was Ad Blankestijn eveneens, toen hij in 2003 als eerste begon met de particuliere basisschool.

In 2008 nam hij afscheid van zijn instituut. Hij nam zich voor om vooral veel te blijven lezen en zich te blijven ontwikkelen, een eis die hij ook aan zijn medewerkers stelde. Hij bracht zijn laatste jaren door in zijn geliefde Frankrijk en schreef toen deze columns.

Het Instituut wordt door Frans van Heijningen met de huidige medewerkers als een familiebedrijf voortgezet, overeenkomstig het gedachtengoed van Ad Blankestijn.