DAGEN (1)

Column 02.26 van Ad Blankestijn

Na de laatste les over de namen van de maanden vroegen leerlingen naar de namen van de dagen
in het Frans.
Tot mijn verbazing wisten de leerlingen niet dat het Frans is voortgekomen uit het Latijn, zoals ook
het Italiaans, het Spaans, het Portugees, … Ik voegde eraan toe dat het Latijn dat hier is bedoeld,
het Volkslatijn is: de taal van de militairen, de kolonisten en de kooplieden. Niet het literaire Latijn
van de grote schrijvers (zoals Cicero) en dichters (zoals Vergilius). Ik beloofde de klas dat ik later
zou terugkomen op verschillen tussen beide varianten van het Latijn. Maar nu terug naar de dagen.

De Latijnse elementen zijn: Lūna, Mārs, Mercurius, Iuppiter, Venus, Sāturnus, Sōl. Met diēs “dag”.
De Latijnse namen zijn: Lūnae diēs, Mārtis diēs, Mercuriī diēs, Iovis diēs, Veneris diēs, Sāturnī diēs
en Sōlis diēs. De christenen vervingen Sōlis diēs door diēs Dominicus “dag des Heeren”. Jezus was
immers op “de derde dag” (vrijdag 1, zaterdag 2, zondag 3) uit de dood opgestaan. Deze vrijdag is
onder christenen bekend als Goede Vrijdag, de dag waarop Jezus stierf aan het kruis op Golgotha.

In het Frans zijn hiervan overgebleven: lundi, mardi, mercredi, jeudi, vendredi, samedi, dimanche.
Het latere Sambatī diēs werd samedi (en Samstag). Sambatum is de Latijnse vorm van sambaton,
een variant van sabbaton waarin het Bijbelse sabbat “rustdag” herkenbaar is.
Sāturnī diēs leeft voort in zaterdag (en Saturday), de enige Romeinse dagnaam in het Nederlands
(en in het Engels).

De leerlingen verrasten me: nooit had ik verwacht dat zij belangstelling hadden voor onderwerpen
die zo ver buiten de HBS-stof liggen. Zelfs vroegen ze om een toelichting op de grammatica achter
de Latijnse dagnamen (de verscheidenheid van de genitivi werkte verwarrend). De presentatie zou
op zich laten wachten, want de volgende les was de leraar Frans weer gezond op school.


Ad-Blankestijn-column

Deze column werd geschreven door Ad Blankestijn, de oprichter van Instituut Blankestijn. Ad Blankestijn was vernieuwend. Als bevlogen onderwijsman introduceerde hij het particulier onderwijs in Nederland. In 1965 stichtte hij zijn eigen school: Instituut Blankestijn. In 2015 overleed Ad Blankestijn.

Blankestijn gaf les, voerde persoonlijk de directie en was ook vaak in het weekeinde op zijn instituut te vinden. Dat Instituut verwierf een uitstekende reputatie, met prima opgeleide medewerkers en goede examenresultaten. In 1999 bouwde Blankestijn zijn concept ‘laatste twee jaar in één‘ uit tot een volledige opleiding van klas 1 tot en met het examenjaar.
Baanbrekend was Ad Blankestijn eveneens, toen hij in 2003 als eerste begon met de particuliere basisschool.

In 2008 nam hij afscheid van zijn instituut. Hij nam zich voor om vooral veel te blijven lezen en zich te blijven ontwikkelen, een eis die hij ook aan zijn medewerkers stelde. Hij bracht zijn laatste jaren door in zijn geliefde Frankrijk en schreef toen deze columns.

Het Instituut wordt door Frans van Heijningen met de huidige medewerkers als een familiebedrijf voortgezet, overeenkomstig het gedachtengoed van Ad Blankestijn.