DAGEN (2)

Column 02.27 van Ad Blankestijn

Sommige leerlingen van mijn lievelingsklas, 4C, hadden een broer of een zus in 5A, de klas waarin
ik de Latijnse en de Franse namen van de maanden en de dagen had besproken. Het was duidelijk
dat daarover was gediscussieerd. En daarbij was de vraag naar de volgorde van de dagen gerezen.

In de Oudheid was de volgorde van de planeten: Saturnus, Jupiter, Mars, de Zon, Venus, Mercurius
en de Maan. Dit geocentrische wereldbeeld berustte op afnemende omlooptijden (Saturnus 30 jaar,
Jupiter 12 jaar, Mars 2 jaar, de Zon 1 jaar, Venus 7 maanden, Mercurius 3 maanden, en ten slotte
de Maan met 1 maan(d). Voor de overzichtelijkheid zijn deze omlooptijden hier afgerond.

De god aan wie het eerste uur van een dag is gewijd, is ook de god van die dag. Voorbeeld: de dag
waarvan het eerste uur aan Jupiter is gewijd, is de dag van Jupiter. De Germanen noemden die dag
naar hun eigen oppergod: Donar / Thor. Vandaar donderdag, Donnerstag, Thursday.
Het tweede uur van deze dag is dan gewijd aan Mars, het derde aan de Zon, het vierde aan Venus,
het vijfde aan Mercurius, het zesde aan de Maan en het zevende aan Saturnus. En dan verder met
het achtste uur, dat weer aan Jupiter was gewijd, zoals ook het vijftiende en het tweeëntwintigste.

Het drieëntwintigste is een Mars-uur, het vierentwintigste een Zonne-uur. Het vijfentwintigste uur
is het eerste uur van de volgende dag. Dat eerste uur is gewijd aan Venus. De volgende dag is dus
Venus-dag. De Germanen hadden hun eigen liefdesgodin: Frīja. Vandaar vrijdag, Freitag, Friday.
Zo blijkt dat vrijdag op donderdag volgt. De hier vermelde uitleg is van Cassius Dio (155 – 235).

De volgende dag wordt gevonden door twee planeten over te slaan: na Jupiter (donderdag) komt,
Mars en de Zon overslaand, Venus. Na Venus (vrijdag) komt dan Saturnus (zaterdag). Het rijtje is:
Saturnus-zater, Jupiter-donder, Mars-dins, Zon-zon, Venus-vrij, Mercurius-woens, Maan-maan.


Ad-Blankestijn-column

Deze column werd geschreven door Ad Blankestijn, de oprichter van Instituut Blankestijn. Ad Blankestijn was vernieuwend. Als bevlogen onderwijsman introduceerde hij het particulier onderwijs in Nederland. In 1965 stichtte hij zijn eigen school: Instituut Blankestijn. In 2015 overleed Ad Blankestijn.

Blankestijn gaf les, voerde persoonlijk de directie en was ook vaak in het weekeinde op zijn instituut te vinden. Dat Instituut verwierf een uitstekende reputatie, met prima opgeleide medewerkers en goede examenresultaten. In 1999 bouwde Blankestijn zijn concept ‘laatste twee jaar in één‘ uit tot een volledige opleiding van klas 1 tot en met het examenjaar.
Baanbrekend was Ad Blankestijn eveneens, toen hij in 2003 als eerste begon met de particuliere basisschool.

In 2008 nam hij afscheid van zijn instituut. Hij nam zich voor om vooral veel te blijven lezen en zich te blijven ontwikkelen, een eis die hij ook aan zijn medewerkers stelde. Hij bracht zijn laatste jaren door in zijn geliefde Frankrijk en schreef toen deze columns.

Het Instituut wordt door Frans van Heijningen met de huidige medewerkers als een familiebedrijf voortgezet, overeenkomstig het gedachtengoed van Ad Blankestijn.