DE STELLING VAN PYTHAGORAS: BEWIJS 1

Column 02.20 A van Ad Blankestijn

Een bewijs voor de stelling van Pythagoras volgt uit de gelijkvormigheid van driehoeken.

∠ ACB, ∠ ADC, ∠ BDC C
zijn recht.
b a ∆ ABC ~ ∆ CBD ⇒
c:a=a:p ⇒
a2 = cp
b a

∆ ABC ~ ∆ ACD ⇒
c:b=b:q ⇒
b2 = cq
a b
A q D p B

c
a2 + b2 = cp + cq = c(p + q) = c . c = c2 Q.E.D.

Dit is het eerste bewijs voor de stelling van Pythagoras, dat ik op school leerde. Het verbaasde me
bovenmate. Mijn belangstelling voor wiskunde was gewekt, voor Griekse wiskunde in het bijzonder.
Dit bewijs is omstreeks 1150 gevonden door de Indische wiskundige Bhāskara.
In het Westen werd het in 1220 bekend door een boek van niemand minder dan Fibonacci.


Ad-Blankestijn-column

Deze column werd geschreven door Ad Blankestijn, de oprichter van Instituut Blankestijn. Ad Blankestijn was vernieuwend. Als bevlogen onderwijsman introduceerde hij het particulier onderwijs in Nederland. In 1965 stichtte hij zijn eigen school: Instituut Blankestijn. In 2015 overleed Ad Blankestijn.

Blankestijn gaf les, voerde persoonlijk de directie en was ook vaak in het weekeinde op zijn instituut te vinden. Dat Instituut verwierf een uitstekende reputatie, met prima opgeleide medewerkers en goede examenresultaten. In 1999 bouwde Blankestijn zijn concept ‘laatste twee jaar in één‘ uit tot een volledige opleiding van klas 1 tot en met het examenjaar.
Baanbrekend was Ad Blankestijn eveneens, toen hij in 2003 als eerste begon met de particuliere basisschool.

In 2008 nam hij afscheid van zijn instituut. Hij nam zich voor om vooral veel te blijven lezen en zich te blijven ontwikkelen, een eis die hij ook aan zijn medewerkers stelde. Hij bracht zijn laatste jaren door in zijn geliefde Frankrijk en schreef toen deze columns.

Het Instituut wordt door Frans van Heijningen met de huidige medewerkers als een familiebedrijf voortgezet, overeenkomstig het gedachtengoed van Ad Blankestijn.