WIJN

Column 03.11 van Ad Blankestijn

Denk maar niet dat je in een Morgan (British racing green, met een leren riem over de motorkap)
in Utrecht of omstreken kunt rondrijden zonder gezien te worden. De morgen na het déjeuner met
collega Guillaume Ledermans in een Hilversums restaurant was de hele school ervan op de hoogte.

In 4C moest ik verslag geven. De klas was verbaasd dat ik met een goede vriend van de directeur
uit eten ging ondanks mijn, inmiddels algemeen bekende, stroeve verstandhouding met de laatste.
Ik legde uit dat Guillaume een aangenaam beschaafd mens was, en dat ik veel van hem kon leren,
vooral over wijn.

Een leerling vroeg wat er dan over wijn te leren viel. Hij zei te weten dat wijn rood of wit is, en dat
wijn van druiven wordt gemaakt. Ik vond dat al heel wat, in een land dat vooral op sherry en port
was ingesteld. Gooise dames begonnen om halfelf al aan hun “ochtendsherry” en besloten de dag
met een glaasje “avondport” bij een stukje oude kaas. Bij de meeste leerlingen thuis werd weleens
wijn geschonken, gewoonlijk rood. Dat is het algemene beeld van de wijncultuur in het Nederland
van de jaren zestig.

Na een rondvraag bleek dat de klas sherry en port niet als wijnen beschouwde. “Sherry is te sterk,
port is te zoet.” Ik vertelde dat sherry een wijn is, die ontstaat als na afloop van de gisting alcohol
wordt toegevoegd. Sherry is a fortified wine. En port ook. Maar bij de portbereiding wordt de gisting
halverwege gestopt door toevoeging van alcohol. De onvergiste suikers maken de wijn zoet.

Sherry wordt gemaakt van witte druiven, in de omgeving van de Zuidwest-Spaanse stad Jerez.
Port wordt gemaakt in de buurt van de stad O Porto “De Haven”, in Noord-Portugal. Er bestaat ook
witte port. De namen sherry en port tonen de eeuwenlange greep van de Britten op de wijnhandel.


Ad-Blankestijn-column

Deze column werd geschreven door Ad Blankestijn, de oprichter van Instituut Blankestijn. Ad Blankestijn was vernieuwend. Als bevlogen onderwijsman introduceerde hij het particulier onderwijs in Nederland. In 1965 stichtte hij zijn eigen school: Instituut Blankestijn. In 2015 overleed Ad Blankestijn.

Blankestijn gaf les, voerde persoonlijk de directie en was ook vaak in het weekeinde op zijn instituut te vinden. Dat Instituut verwierf een uitstekende reputatie, met prima opgeleide medewerkers en goede examenresultaten. In 1999 bouwde Blankestijn zijn concept ‘laatste twee jaar in één‘ uit tot een volledige opleiding van klas 1 tot en met het examenjaar.
Baanbrekend was Ad Blankestijn eveneens, toen hij in 2003 als eerste begon met de particuliere basisschool.

In 2008 nam hij afscheid van zijn instituut. Hij nam zich voor om vooral veel te blijven lezen en zich te blijven ontwikkelen, een eis die hij ook aan zijn medewerkers stelde. Hij bracht zijn laatste jaren door in zijn geliefde Frankrijk en schreef toen deze columns.

Het Instituut wordt door Frans van Heijningen met de huidige medewerkers als een familiebedrijf voortgezet, overeenkomstig het gedachtengoed van Ad Blankestijn.