Marina: ‘Op Instituut Blankestijn voelde ik me gewaardeerd

2 mei 2018

In 2013 kwam Marina ten Heggeler op Instituut Blankestijn, ze zat op haar vorige school in 5 vwo. Marina blikt terug:

‘Het ging daar echt niet meer. Ik had eerst havo gedaan en ging daarna vwo doen. In de klas was ik een van de oudste leerlingen en ik was behoorlijk aan het puberen: als we naar links moesten, ging ik naar rechts. Dat hoort ook wel een beetje bij me, maar ik kon daar toen geen balans in vinden. Als ik moest stoppen, ging ik door. Totdat ik niet meer terug kon.’

‘Ik denk dat het een vorm van verzet was. De docenten op die school keken op de leerlingen neer. Tenminste, zo heb ik het ervaren.’

Je ging naar Blankestijn. Heb je je toen ook tegen de docenten verzet?

‘Dat was niet nodig. Er werden op Blankestijn duidelijke doelen gesteld, er werd wat van mij geëist, maar er werd ook naar mij geluisterd. Ik werd gezien.’

Jezelf zijn

‘Op Blankestijn kon ik mezelf zijn. Er was ruimte voor discussie en ik werd in mijn waarde gelaten. Ik heb me dan ook in die anderhalf jaar positief ontwikkeld. Ik voelde me fijn, gelukkiger. Ik durfde mezelf te zijn, omdat ik de dingen mocht zeggen die ik dacht en voelde. Ik had eindelijk het gevoel dat ik iets voorstelde.’

‘Binnen de groep ben ik me wel altijd bewust van mijn positie. Ik wil bepaald niet over me heen laten lopen. Dat heb ik duidelijk kunnen maken, aan anderen en aan mezelf. Ik wist wat mijn plek was.’

‘Het sterke van Instituut Blankestijn is de relatie tussen docent en leerling. Die is vriendschappelijker dan op andere scholen, minder afstandelijk. Dan voel je je ook vrij om bijvoorbeeld te zeggen dat ze je even met rust moeten laten.’

Geslaagd

‘Na die anderhalf jaar was ik geslaagd. Daar had ik me geen zorgen over gemaakt; ik wist dat ik het wel zou redden.’

Hoe zou je Instituut Blankestijn typeren?

‘Als een familie, waarin je je vertrouwd voelt. Dat wil niet zeggen dat je achterover kon leunen. We moesten keihard werken, maar dat was heerlijk, want we haalden ook goede cijfers. En als je hard werkt voor je studie, wordt ook de thuissituatie beter. Mijn ouders waren daarvoor altijd met school bezig en een zesje was niet genoeg. Maar toen ik op Blankestijn zat, zagen ze dat het wel goed met me ging en maakten ze zich geen zorgen meer over school. Dat gaf rust.’

Intussen studeert Marina toegepaste psychologie. Ze heeft even moeten zoeken naar wat goed voor haar was, maar deze studie past bij haar.  Ze is nu tweedejaars en ook hier heeft ze haar plek gevonden.

Marina: ‘Ik leef gezond, ik sport en ik hou me aan mijn principes. Daarin is eerlijkheid belangrijk, de dingen doen die je echt wilt, beseffen waarvoor je dankbaar kunt zijn en die dankbaarheid ook tonen. De basis daarvan is mede gelegd op Instituut Blankestijn.’

‘Wat de toekomst je brengt, weet je niet, maar ik hoop over tien jaar een man te hebben, een kindje en drie honden. En een blauw huis. Daar droomde ik vroeger al van. Maar laat ik eerst mijn studie maar afmaken.’