DE RIJ VAN FIBONACCI

Column 01.07 A van Ad Blankestijn

Fibonacci “zoon van Bonaccio” is ook bekend als Leonardo van Pisa (1175 – 1250).
Vooral door zijn toedoen zijn de Indische ofwel Arabische cijfers in Europa gemeengoed geworden.

De rij berust op een konijnenpaar (P1) dat na twee jaar een paar voortbrengt en daarna ieder jaar.
Ieder nieuw paar krijgt na twee jaar ook een nieuw paar en daarna ieder jaar.
Hoeveel paren zijn er aan het begin van het zesde jaar als al deze konijnen in leven blijven ?

begin jaar 1 1 paar P1

begin jaar 2 1 paar P1

begin jaar 3 2 paren P1 P1.1

begin jaar 4 3 paren P1 P1.1 P1.2

begin jaar 5 5 paren P1 P1.1 P1.2 P1.3 P1.1.1

begin jaar 6 8 paren P1 P1.1 P1.2 P1.3 P1.4 P1.1.1 P1.1.2 P1.2.1

De rij van Fibonacci is 1, 1, 2, 3, 5, 8, 13, 21, 34, 55, 89, 144, …

Te beginnen met de derde term is iedere term de som van de voorgaande twee: tn = tn–1 + tn–2

Varianten op de rij van Fibonacci zijn bijvoorbeeld: 2, 2, 4, 6, 10, 16, 26, 42, 68, 110, …

3, 4, 7, 11, 18, 29, 47, 76, 123, 199, …


Ad-Blankestijn-column

Deze column werd geschreven door Ad Blankestijn, de oprichter van Instituut Blankestijn. Ad Blankestijn was vernieuwend. Als bevlogen onderwijsman introduceerde hij het particulier onderwijs in Nederland. In 1965 stichtte hij zijn eigen school: Instituut Blankestijn. In 2015 overleed Ad Blankestijn.

Blankestijn gaf les, voerde persoonlijk de directie en was ook vaak in het weekeinde op zijn instituut te vinden. Dat Instituut verwierf een uitstekende reputatie, met prima opgeleide medewerkers en goede examenresultaten. In 1999 bouwde Blankestijn zijn concept ‘laatste twee jaar in één‘ uit tot een volledige opleiding van klas 1 tot en met het examenjaar.
Baanbrekend was Ad Blankestijn eveneens, toen hij in 2003 als eerste begon met de particuliere basisschool.

In 2008 nam hij afscheid van zijn instituut. Hij nam zich voor om vooral veel te blijven lezen en zich te blijven ontwikkelen, een eis die hij ook aan zijn medewerkers stelde. Hij bracht zijn laatste jaren door in zijn geliefde Frankrijk en schreef toen deze columns.

Het Instituut wordt door Frans van Heijningen met de huidige medewerkers als een familiebedrijf voortgezet, overeenkomstig het gedachtengoed van Ad Blankestijn.