KLAS 3C (2)

Column 01.07 van Ad Blankestijn

De emmer water op de halfopen deur, de op scherp staande tafel en de punaise op de stoel had ik,
met drievoudig geluk, overleefd. Ieder oogcontact vermijdend richtte ik de blik op een punt ergens
boven de hoofden van de leerlingen en stelde me voor.
Een twee meter lange slungel op de achterste rij rees op en maakte zwengelende bewegingen met
een apenarm en brulde me toe: Aangenaam, Jan-Willem Wijnens.
Ik blafte hem een bevel toe op de onaangenaam harde toon van een bevelvoerend officier: ERUIT.
Enigszins tot mijn verbazing verliet hij het lokaal, onderdanig en zonder iets te zeggen.

Ik besefte toen nog niet dat mijn onderwijsloopbaan zou zijn afgelopen als Jan-Willem in discussie
zou zijn getreden. Verlies van autoriteit is voor een docent even noodlottig als voor een officier.

3C liep achter op het lesprogramma van de derde klas. Bij wiskunde was dat drie hoofdstukken uit
het boek. Ik kondigde aan dat ik ze snel wilde gelijktrekken. Meteen beginnen. Het onderwerp was
rijen en reeksen. Het verhaaltje over de kleine Gauss vonden ze interessant:

De kleine Carl Friedrich zat zich onder de les te vervelen (begrijpend geknik). De onderwijzer wilde
het achtjarige ventje iets laten doen wat hem een tijdje zou bezighouden (afkeurend gemompel).
CF moest alle getallen vanaf 1 tot en met 100 optellen (verontwaardigd gezucht). Even later stak
het jongetje een vinger op en zei dat de uitkomst 5050 was (ongelovige blikken).
Ik legde uit hoe de kleine Gauss het had gedaan: 1 + 100 = 101, 2 + 99 = 101, 3 + 98 = 101, …
Het eindigt met 50 + 51 = 101 en daarom is het antwoord 50 x 101 = 5050 (verbijsterd gesteun).

De rij van Fibonacci (die over konijnen gaat) ging er goed in en ik wekte verbazing op over het feit
dat het aantal even getallen niet de helft is van het aantal even en oneven getallen samen.


Ad-Blankestijn-column

Deze column werd geschreven door Ad Blankestijn, de oprichter van Instituut Blankestijn. Ad Blankestijn was vernieuwend. Als bevlogen onderwijsman introduceerde hij het particulier onderwijs in Nederland. In 1965 stichtte hij zijn eigen school: Instituut Blankestijn. In 2015 overleed Ad Blankestijn.

Blankestijn gaf les, voerde persoonlijk de directie en was ook vaak in het weekeinde op zijn instituut te vinden. Dat Instituut verwierf een uitstekende reputatie, met prima opgeleide medewerkers en goede examenresultaten. In 1999 bouwde Blankestijn zijn concept ‘laatste twee jaar in één‘ uit tot een volledige opleiding van klas 1 tot en met het examenjaar.
Baanbrekend was Ad Blankestijn eveneens, toen hij in 2003 als eerste begon met de particuliere basisschool.

In 2008 nam hij afscheid van zijn instituut. Hij nam zich voor om vooral veel te blijven lezen en zich te blijven ontwikkelen, een eis die hij ook aan zijn medewerkers stelde. Hij bracht zijn laatste jaren door in zijn geliefde Frankrijk en schreef toen deze columns.

Het Instituut wordt door Frans van Heijningen met de huidige medewerkers als een familiebedrijf voortgezet, overeenkomstig het gedachtengoed van Ad Blankestijn.