PROF DE MATHS

Column 02.03 van Ad Blankestijn

Tijdens mijn eerste studieperiode in Bourgogne, in het studiejaar voordat ik leraar in Utrecht werd,
moest ik me aanpassen aan de leefwijze die in Bourgogne gebruikelijk was. Dat kwam vooral neer
op rationele consumptie van chablis. Mijn morgens begonnen dan vroeger zodat ik meer kon doen.
Minder katers, meer woorden. Eindelijk ging het goed.
Toen gebeurde er iets wat een nieuwe vertraging veroorzaakte.

Op een avond, tegen halfzeven, kwam de vader van J.-F. het atelier binnenlopen. Ik had van hem
gehoord. Hij was de eigenaar van de particuliere school met internaat Les Perrières, drie kilometer
buiten de stad. Hij had kennelijk ook van mij gehoord, want hij wilde me spreken. Over zijn school.
Hij legde me uit dat ongebruikelijk veel leerlingen de zomer in het internaat moesten doorbrengen.
Die leerlingen moesten les hebben, maar er waren bijna geen docenten bereid om in hun vakantie
te werken, zelfs niet voor een riant salaris. Van J.-F. had hij gehoord dat ik naast Indo-Iraans ook
wiskunde studeerde. Hij vroeg me of ik enkele weken wilde lesgeven aan cinquième en quatrième,
vergelijkbaar met de klassen 1 en 2 van het gymnasium. In het Engels.

Ik stemde toe. Dat was erg onverstandig. Het ging me niet om het geld, maar om de eer. Ik begon
meteen aan de voorbereidingen. Ik moest immers de Franse terminologie leren, die gelukkig nogal
op de Engelse lijkt. Lesgeven in het Engels schrikte me niet af: ik had A Survey of Modern Algebra
van Birkhoff & Mac Lane in Utrecht doorgewerkt. Een bewonderenswaardig leerboek, overigens.

Een week later begon ik. Een buitengewone ervaring. Het beleefde gedrag van de jonge leerlingen
maakte het lesgeven gemakkelijk. Mijn Engels was vanzelfsprekend een stuk beter dan het hunne,
want het Franse onderwijs in Engels is lachwekkend slecht. Ze dachten dat ik een Engelsman was:
MG-A met rechts stuur en tweed jasje met leren ellebogen. Over de nummerplaat vroegen ze niets.


Ad-Blankestijn-column

Deze column werd geschreven door Ad Blankestijn, de oprichter van Instituut Blankestijn. Ad Blankestijn was vernieuwend. Als bevlogen onderwijsman introduceerde hij het particulier onderwijs in Nederland. In 1965 stichtte hij zijn eigen school: Instituut Blankestijn. In 2015 overleed Ad Blankestijn.

Blankestijn gaf les, voerde persoonlijk de directie en was ook vaak in het weekeinde op zijn instituut te vinden. Dat Instituut verwierf een uitstekende reputatie, met prima opgeleide medewerkers en goede examenresultaten. In 1999 bouwde Blankestijn zijn concept ‘laatste twee jaar in één‘ uit tot een volledige opleiding van klas 1 tot en met het examenjaar.
Baanbrekend was Ad Blankestijn eveneens, toen hij in 2003 als eerste begon met de particuliere basisschool.

In 2008 nam hij afscheid van zijn instituut. Hij nam zich voor om vooral veel te blijven lezen en zich te blijven ontwikkelen, een eis die hij ook aan zijn medewerkers stelde. Hij bracht zijn laatste jaren door in zijn geliefde Frankrijk en schreef toen deze columns.

Het Instituut wordt door Frans van Heijningen met de huidige medewerkers als een familiebedrijf voortgezet, overeenkomstig het gedachtengoed van Ad Blankestijn.