STUDIEVAKANTIE

Column 02.01 van Ad Blankestijn

Na een feestelijke afsluiting van het schooljaar vertrok ik snel naar Frankrijk. Niet meteen naar
Parijs, maar naar een stadje in het noorden van Bourgogne, in het département Yonne. Ik moest
mijn mémoire afmaken, onder leiding van mijn studieadviseur die daar, in de buurt van Chablis,
een prachtig zeventiende-eeuws landhuis bewoonde, dat middenin een wijngaard stond.

Jean-François, mijn studieadviseur, was een bijzonder mens. Een stukje ouder dan ik, getrouwd,
een briljant iranist, gespecialiseerd in Middeliraans. Maar ook tekende en schilderde hij op tegels
die hij samenstelde tot prachtige muurmozaïeken. In zijn atelier was een grote houten werktafel
op schragen voor mij neergezet. Aan die tafel werkte ik van de late morgen tot de vroege avond.

Mijn hoogleraar Indo-Iraans aan de Sorbonne, Louis Renou, had me Jean-François als begeleider
toegewezen, vooral om me te helpen met Frans. Mijn Frans was nog lang niet goed genoeg om
zelfstandig een mémoire te schrijven. Overigens: le mémoire “scriptie”, la mémoire “geheugen”.
Bovendien zou J.-F. me goede raad kunnen geven als ik tegen een linguïstisch probleem aanliep.
Maar hij leerde me vooral manieren, Franse manieren. Staat iemand op je tenen, dan zeg je niet
iets wat boos klinkt, maar je vous en prie “ik bid u erom”. Bij de bakker wens je alle aanwezigen
bij het binnenkomen bonjour en bij het weggaan zeg je au revoir (ook als dat zich waarschijnlijk
niet zal voordoen; zelfs zegt men het aan het eind van een telefoongesprek met een onbekende).

En nu, na bijna een jaar niet in Frankrijk te zijn geweest, ging ik weer vastbesloten aan het werk
om medio augustus mijn verhandeling over désinences remarquables en avestique et en védique
te kunnen inleveren. Een jaar te laat. Tot ongenoegen van professor Renou en zijn medewerkers.

Maar Bourgogne is een land waar de gezelligheid meeslepend, verregaand, onontkoombaar is …


Ad-Blankestijn-column

Deze column werd geschreven door Ad Blankestijn, de oprichter van Instituut Blankestijn. Ad Blankestijn was vernieuwend. Als bevlogen onderwijsman introduceerde hij het particulier onderwijs in Nederland. In 1965 stichtte hij zijn eigen school: Instituut Blankestijn. In 2015 overleed Ad Blankestijn.

Blankestijn gaf les, voerde persoonlijk de directie en was ook vaak in het weekeinde op zijn instituut te vinden. Dat Instituut verwierf een uitstekende reputatie, met prima opgeleide medewerkers en goede examenresultaten. In 1999 bouwde Blankestijn zijn concept ‘laatste twee jaar in één‘ uit tot een volledige opleiding van klas 1 tot en met het examenjaar.
Baanbrekend was Ad Blankestijn eveneens, toen hij in 2003 als eerste begon met de particuliere basisschool.

In 2008 nam hij afscheid van zijn instituut. Hij nam zich voor om vooral veel te blijven lezen en zich te blijven ontwikkelen, een eis die hij ook aan zijn medewerkers stelde. Hij bracht zijn laatste jaren door in zijn geliefde Frankrijk en schreef toen deze columns.

Het Instituut wordt door Frans van Heijningen met de huidige medewerkers als een familiebedrijf voortgezet, overeenkomstig het gedachtengoed van Ad Blankestijn.