THALES EN DE PIRAMIDE (3)

Column 02.16 A van Ad Blankestijn

Kort voor het middaguur op 21 december
drijft Thales, in de buurt van de piramide,
een dunne stok in het zand. De stok komt 3
drie voet boven het zand uit.
Door een harpedonapt wordt de schaduw
4
van deze stok nauwlettend gadegeslagen.
Op een sein van Thales zal hij de schaduw
afbakenen zodat de lengte ervan gemeten
kan worden.
37° 52°
P O
Thales staat bij het punt P. Hij kijkt naar
de schaduw van de piramide. De top van
de schaduw schuift uit het westen naar P.
Veel hoger zal de Zon niet meer stijgen en
veel korter zal de schaduw niet worden.
Als de top van de schaduw in P aankomt,
geeft Thales het afgesproken teken. Snel
gaan de harpedonapten aan het werk: P M
de schaduwen van de stok en de piramide
worden afgebakend en gemeten.
Grote verrassing: de schaduw van de stok
is vier voet lang. De Egyptische driehoek !
De lengte PM is 243 voet en de halve zijde
van het grondvlak is 345 voet. De afstand
van P tot O is dus 588 = 4 × 147 voet en
de piramide is 3 × 147 = 441 voet hoog. De piramide van Cheops is 147 m hoog.


Ad-Blankestijn-column

Deze column werd geschreven door Ad Blankestijn, de oprichter van Instituut Blankestijn. Ad Blankestijn was vernieuwend. Als bevlogen onderwijsman introduceerde hij het particulier onderwijs in Nederland. In 1965 stichtte hij zijn eigen school: Instituut Blankestijn. In 2015 overleed Ad Blankestijn.

Blankestijn gaf les, voerde persoonlijk de directie en was ook vaak in het weekeinde op zijn instituut te vinden. Dat Instituut verwierf een uitstekende reputatie, met prima opgeleide medewerkers en goede examenresultaten. In 1999 bouwde Blankestijn zijn concept ‘laatste twee jaar in één‘ uit tot een volledige opleiding van klas 1 tot en met het examenjaar.
Baanbrekend was Ad Blankestijn eveneens, toen hij in 2003 als eerste begon met de particuliere basisschool.

In 2008 nam hij afscheid van zijn instituut. Hij nam zich voor om vooral veel te blijven lezen en zich te blijven ontwikkelen, een eis die hij ook aan zijn medewerkers stelde. Hij bracht zijn laatste jaren door in zijn geliefde Frankrijk en schreef toen deze columns.

Het Instituut wordt door Frans van Heijningen met de huidige medewerkers als een familiebedrijf voortgezet, overeenkomstig het gedachtengoed van Ad Blankestijn.